"Niet bang voor de panfluit"

Niet bang voor de panfluit

Bamboe is een zeer veelzijdig product. De stengels staan prachtig in je tuin, pandaberen eten er hun buikje rond mee en Zuid-Amerikaanse straatmuzikanten maken er panfluiten van. Waar komt de naam panfluit eigenlijk vandaan?

De Griekse god Pan was een echte rokkenjager. Hij had veel vriendinnen maar degene die hij echt wilde, de nimf Syrinx, wilde niets van hem weten. Zij bad tot de goden dat ze maagd zou blijven. De goden besloten haar te redden. Zodra Pan haar aanraakte, veranderde Syrinx namelijk in bamboe. Pan maakte daar vervolgens een fluit van: een panfluit. Als hij erop blies, raakten de mensen… in paniek.

Nou is er één dier dat zeker niet bang wordt van een panfluit, namelijk de pandabeer. Van panfluitmuziek wordt hij heerlijk ontspannen en bamboestengels eet hij lekker op. Het liefst de hele dag door. Zo ook de twee pandaberen in Ouwehands Dierenpark in Rhenen. Die genieten met volle teugen van de bamboe die Bamboo Giant in het Limburgse plaatsje Asten kweekt. Heb jij de panda’s al gezien?

Wist je trouwens dat bamboe geen boom is, maar een grassoort? De stengels kunnen tot wel 35 meter hoog worden. Dat is maar goed ook, want pandaberen eten er veel van, heel erg veel. En nog een weetje: hoe kun je een pandabeer wél bang maken? Dan moet je heel hard bamBOE!!! roepen.