"Bloemen voor de grote leider"

Een van de bezienswaardigheden in Noord-Korea is 'het cadeautjesmuseum' van twee voormalige Grote Leiders, vader en zoon Kim.

Het bevindt zich in een prachtig natuurgebied en is voor de Koreaanse bevolking een grote toeristische trekpleister.

In het eerste gebouw staat een imposant wit beeld van Kim il Sung zelf, met achter hem de rode stralen van een opkomende zon. In de zalen liggen geschenken die hij tussen 1950 en 1970 ontving van landen als Cuba, Libië en de voormalige DDR. In één ruimte staan zelfs drie gepantserde limousines, dat was een cadeautje van Josef Stalin!

In het tweede gebouw kijkt het reusachtige standbeeld van zoon Kim Jong il je streng aan. Je kijkt er je ogen uit. Want de zaal puilt uit met geschenken uit de jaren tachtig en negentig uit landen als China en Japan. Er is zelfs een fraaie zilveren schaal uit Amerika te vinden, een cadeau uit goed fatsoen.

Bij het standbeeld van Kim junior liggen ook rode begonia's. Een cadeautje van de bevriende Indonesische president Suharto. Hij bracht de eerste exemplaren mee en noemde ze 'Kimjongila'. Dit maakte de rode begonia meteen tot de meest geliefde bloemensoort van Noord-Korea. Natuurlijk samen met de paarse orchidee 'Kimilsungia', vernoemd naar vader Kim. Beide soorten worden nog altijd door de bevolking vereerd.

Een bloem die in Noord-Korea een stuk minder populair is, is de tulp. Dat komt waarschijnlijk omdat er in het cadeautjesmuseum precies één geschenk uit Nederland te vinden. Geen zilveren schaal, geen zwaard en al helemaal geen limousine, maar: een miezerig bosje kunsttulpen, in 1976 geschonken door een Hollandse jachtbouwer!